ADMINISTRATIEKANTOOR
VAN DER AA OSS B.V.

LAUWERSMEER 9A
5347 JR OSS
T 0412 - 66 77 70
F 0412 - 62 73 07
KVK 17160378
BTW NL.8126.34.706.B01
ADMINISTRATIE@VAN-DER-AA.NL
WWW.VAN-DER-AA.NL

Nieuws

 

Nieuwsbrief Administratiekantoor van der Aa september 2011

Nieuwsbrief Administratiekantoor van der Aa juli 2011

Nieuwsbrief Administratiekantoor van der Aa mei 2011

 

Overgangsmaatregel verlaagd btw-tarief op verbouwingen

Voor de renovatie en herstel van woningen ouder dan twee jaar (na eerste ingebruikneming) geldt tijdelijk een verlaagd btw-tarief. Het verlaagde tarief geldt alleen voor de arbeidscomponent (dus niet voor materialen). Met ingang van 1 juli 2011 komt deze post te vervallen. Voor werkzaamheden die ná 30 juni 2011 worden afgerond geldt daarom het algemene tarief (nu 19%). In dit verband zijn vragen gerezen over werkzaamheden die zijn gestart vóór 1 juli 2011 maar ná die datum worden afgerond.

Staatssecretaris Weekers heeft besloten om op de werkzaamheden die gestart zijn vóór 1 juli 2011 en vóór 1 oktober 2011 zijn afgerond, alsnog het verlaagde btw-tarief te morgen hanteren.

Hierbij geldt als voorwaarde dat uit de administratie van de ondernemer moet blijken dat de werkzaamheden zijn aagevangen vóór 1 juli 2011. De dienst wordt als afgerond beschouwd als de oplevering heeft plaatsgevonden en de consument het werk heeft aanvaard. De aanvaarding kan ook blijken uit het feit dat de consument het werk heeft betaald.

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2011 en vervalt met ingang van 1 oktober 2011.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Auto van de zaak of privé voor eenmanszaak, vennootschap onder firma en maatschap

Vanuit de fiscus blijft er veel aandacht bestaan voor de auto als het nu gaat om het innen van boetes of het heffen van belastingen, de auto blijft de melkkoe van de overheid. Gezien de toenemende controles hierop en doordat wij hierover meerdere vragen hebben gekregen met betrekking tot de bijtelling privé gebruik auto, zetten wij u onderstaand nogmaals de regelgeving uiteen.

Wanneer u verder hierover vragen heeft, kunt u altijd even contact opnemen met ons kantoor op nummer
[0412] 667770.

Als u een auto zowel voor uw onderneming als privé wilt gebruiken, heeft u 2 mogelijkheden:

- U rijdt in een auto van uw onderneming. De auto behoort dan tot het ondernemingsvermogen.

- U rijdt in uw eigen auto. De auto behoort dan tot uw privévermogen.

De keuze die u maakt, heeft gevolgen voor de wijze waarop u de kosten van de auto moet verwerken in uw winstberekening. U moet zowel voor de inkomstenbelasting als voor de omzetbelasting bepalen of uw auto tot het ondernemingsvermogen of tot uw privévermogen hoort.Keuzemogelijkheden voor de inkomstenbelasting

Minder dan 500 kilometer privé

Als u voor niet meer dan 500 kilometer per jaar met uw auto voor privé doeleinden rijdt of de auto wordt voor meer als 90% zakelijk gebruikt, wordt uw auto voor de inkomstenbelasting als een auto van uw onderneming gezien. U heeft dan geen keuzemogelijkheid. Alle kosten voor de auto zijn dan aftrekbaar voor de winst. Ook krijgt u geen bijtelling voor het privé-gebruik. Wel moet u ervoor zorg dragen dat er een gesloten rittenadministratie aanwezig is, waaruit blijkt dat u ook daadwerkelijk minder dan 500 kilometer privé hebt gereden. Hierop wordt door de Belastingdienst zeer streng gecontroleerd. Als bijlage doen wij u een voorbeeld van de rittenadministratie toekomen. Dit geld overigens per vervoermiddel tenzij er door de Belastingdienst een beschikking is afgegeven.

Meer dan 500 kilometer privé

Rijdt u meer dan 500 kilometer per jaar voor privé doeleinden en minder dan 90% zakelijk, dan kunt u zelf kiezen of u de auto als ondernemingsvermogen wilt aanmerken of als privévermogen. De keuze geldt per auto. Bij een nieuwe auto kunt u dus altijd opnieuw kiezen. U geeft uw keuze aan in de 1e elektronische aangifte inkomstenbelasting die u als ondernemer instuurt.

Indien u de auto als ondernemingsvermogen beschouwt, en jaarlijks meer dan 500 kilometer privé rijdt, kunt u alle kosten van de auto ten laste van uw bedrijfsresultaat brengen. Wel krijgt u een bijtelling op uw inkomen voor het privé-gebruik van de auto. Deze bijtelling is afhankelijk van de cataloguswaarde en de milieuvriendelijkheid van de auto. Afhankelijk hoe zuiniger uw auto is des te lager is het percentage aan bijtelling privé-gebruik auto. De percentages voor bijtelling privé-gebruik auto zijn 14%, 20% en 25%. Onderstaand doen wij u de co-uitstoot-tabel toekomen waaruit u kunt opmaken welke bijtelling voor u van toepassing is.

Indien u de auto als privé vermogen beschouwt, komen de autokosten ten laste van uw privé-vermogen. U kunt dan
€ 0,19 per zakelijk gereden kilometer ten laste van het bedrijfsresultaat brengen. Om deze kosten te kunnen verwerken in uw jaarrekening dienen er deugdelijke rittenstaten aanwezig te zijn. In deze vergoeding is tevens begrepen de kosten voor tol, parkeergeld, veer etc.Keuzemogelijkheden voor de omzetbelasting

Als u voor niet meer dan 500 kilometer per jaar met uw auto voor privédoeleinden rijdt of de auto wordt voor meer als 90% zakelijk gebruikt,, wordt uw auto voor de omzetbelasting als een auto van uw onderneming gezien. U heeft dan geen keuzemogelijkheid. Alle omzetbelasting van de kosten voor de auto zijn dan aftrekbaar voor de winst. Ook krijgt u geen bijtelling voor het privé-gebruik. Wel moet u ervoor zorg dragen dat er een sluitende rittenadministratie aanwezig is, waaruit blijkt dat u ook daadwerkelijk minder dan 500 kilometer privé hebt gereden.

Als u een auto helemaal of gedeeltelijk voor uw onderneming gebruikt, maakt u voor de omzetbelasting zelf de keuze: of u rekent de auto tot uw privévermogen of u rekent de auto tot uw ondernemingsvermogen. De keuze die u hebt gemaakt voor de inkomstenbelasting, speelt hierbij geen rol.

De keuze voor privé- of ondernemingsvermogen moet u kenbaar maken door de aanschaf van de auto in uw administratie op te nemen.Omzetbelasting bij auto als privé-vermogen

Als uw auto privévermogen vormt, kunt u géén btw aftrekken bij de aankoop. Wel mag u de omzetbelasting op onderhouds-, reparatie- en gebruikskosten aftrekken voor zover u de auto voor uw onderneming gebruikt. Daarbij kunt u uitgaan van de verhouding van het aantal zakelijke kilometers tot het totaal aantal gereden kilometers op jaarbasis. Als het zakelijk gebruik niet uit uw administratie is af te leiden, mag u 75% van de voorbelasting op die kosten aftrekken. Het is noodzakelijk dat alle kosten via uw zakelijke bankrekening betaald worden en u alle nota’s hiervan in bezit heeft. In praktijk is het jaarlijks aantal gereden zakelijke kilometers makkelijk uit de administratie af te leiden. Het zakelijk gebruik is namelijk bekend omdat u uw zakelijke kilometers registreert. Als u de kilometerstand aan het begin en het eind van het jaar noteert, weet u het totaal aantal gereden kilometers. Als u nu de zakelijke kilometers neemt als percentage van het totaal aantal gereden kilometers, weet u het percentage dat u van de voorbelasting kunt terugvragen. Deze voorbelasting zal dan worden teruggevraagd op uw laatste aangifte omzetbelasting van het jaar.

Omzetbelasting bij auto als ondernemingsvermogen

Indien u uw auto voor de omzetbelasting aanmerkt als ondernemingsvermogen, kunt u alle voorbelasting op aanschaf en kosten aftrekken. Indien u met deze auto jaarlijks meer dan 500 kilometer prive rijdt, dient u 12% over bovengenoemde bijtelling voor de Inkomstenbelasting op te geven als omzetbelasting privé-gebruik. Dit bedrag wordt door ons bij de laatste aangifte omzetbelasting van het jaar opgegeven.

De bijtelling is als volgt;

Brandstof

CO2

Bijtelling

benzine

tot 111 g/km

14%

benzine

111 t/m 140km

20%

benzine

vanaf 141 g/km

25%

diesel

tot 96 g/km

14%

diesel

96 t/m 116 g/km

20%

diesel

vanaf 117 g/km

25%

Tevens heeft er een wijziging plaatsgevonden op de investeringsaftrek van energiezuinige vervoermiddelen. In het verleden kwamen deze vervoermiddelen niet in aanmerking voor kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Als u in 2010 een bedrag tussen € 2.200 en € 300.000 investeert voor uw onderneming, dan kunt u in aanmerking komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. De bedrijfsmiddelen waarin u investeert, moeten dan wel in aanmerking komen voor investeringsaftrek.Met ingang van 2010 komen zeer zuinige personenauto’s (waaronder elektrische auto’s) in aanmerking voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. De volgende personenauto’s zijn zeer zuinig; De co2-uitstoot is niet meer dan 95 gram per kilometer bij personenauto’s die op diesel rijden. De co2-uitstoot is niet meer dan 110 gram per kilometer bij personenauto’s die niet op diesel rijden. Elektrische auto’s met een co2-uitstoot van 0 gram per kilometer.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Jongeren pas bij 5e arbeidsovereenkomst in vaste dienst

Sinds 9 juli 2010 mag een werkgever met werknemers tot 27 jaar in totaal vier opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd aangaan. Het is bedoeld om jongeren tijdens de huidige economische crisis langer aan het werk te houden. Door mogelijk te maken dat vaker en langer arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd kunnen worden aangegaan, wordt het mogelijk dat een werkgever het dienstverband met de jongere voortzet. Het gaat om een tijdelijke wet tot 1 januari 2012, met de mogelijkheid tot verlenging tot uiterlijk 1 januari 2014. Als in de cao een afwijkende regeling staat, dan blijft die gelden.

Een tijdelijk contract kan automatisch overgaan in een vast contract. Dit kan in de volgende situaties:

- Na vier tijdelijke arbeidsovereenkomsten die telkens direct of binnen drie maanden na elkaar zijn afgesloten, is het vijfde arbeidsovereenkomst automatisch een vast dienstverband.

- Als tijdens het tweede of volgende overeenkomst de duur van 48 maanden wordt overschreden, verandert dit contract automatisch in een vast contract. De periode tussen overeenkomsten mag maximaal drie maanden zijn.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verlaagd btw-tarief schilder- en stukadoorswerkzaamheden

Per 15 september 2009 is het btw-tarief voor het schilderen en stukadoren van woningen van 2 jaar en ouder, verlaagd naar 6%. Ook behangen valt onder het 6%-tarief.


De hoedanigheid van dienstverrichter en afnemer

Voor de toepassing van het 6%-tarief is het niet noodzakelijk dat een schilders-/stukadoorsbedrijf het schilder-/stukadoorswerk verricht: ook aannemers, klusbedrijven en dergelijke die (onderdelen van) schilder-/stukadoorswerk uitvoeren mogen het 6%-tarief hanteren. Ook is het niet noodzakelijk dat de opdrachtgever een particulier is: het 6%-tarief geldt ook als woningbouwcorporaties en dergelijke opdracht geven tot het verrichten van schilder-/stukadoorswerk in particuliere woningen.


Onderaanneming

Als schilder-/stukadoorswerk in onderaanneming wordt verricht (bijvoorbeeld bij renovatieprojecten), is het 6%-tarief zowel in de relatie hoofdaannemer-opdrachtgever als in de relatie hoofdaannemer-onderaannemer van toepassing.


Schilder-/stukadoorswerk dat is opgenomen in aannemingsprojecten

Als schilder-/stukadoorswerk deel uitmaakt van een bepaald aannemingswerk, mag het schilder-/stukadoorswerk voor de tarieftoepassing worden afgesplitst. Voorwaarde is dat de aannemer het schilder-/stukadoorswerk op zijn offerte en factuur afsplitst van het overige werk.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Verlaagd btw-tarief isolatiewerkzaamheden


Per 1 juli 2009 is het btw-tarief voor het verrichten van op energiebesparing gerichte isolatiewerkzaamheden aan bestaande woningen (ouder dan twee jaar na de eerste ingebruikneming) verlaagd naar 6%.


Energiebesparende maatregelen

Het moment waarop de dienst wordt verricht, is bepalend voor het antwoord op de vraag of het verlaagde tarief van toepassing is. Het verlaagde tarief is pas van toepassing als de dienst wordt afgerond op of na 1 juli 2009. Tevens moet er sprake zijn van op energiebesparing gerichte werkzaamheden.

Er is sprake van op energiebesparing gerichte werkzaamheden bij:

- Vloer- gevel- en dakisolatie met een Rc-waarde (warmteweerstand van een constructie), die voldoet aan de eisen van het Bouwbesluit (groter dan of gelijk aan 2,50 m2K/W).
- Spouwmuurisolatie met een Rc-waarde, die groter is dan of gelijk aan 1,1 m2.K/W.
- Aanbrengen van ramen, deuren, kozijnen en daarmee gelijk te stellen constructieonderdelen inclusief beglazing met Ugl-waarde die kleiner dan of gelijk is aan de eisen van het Bouwbesluit.
- Bodemisolatie met een Rc-waarde die groter is dan of gelijk aan 1,1 m2K/W.

Rieten daken

Voor wat betreft rieten daken is het uitgangspunt dat wordt aangesloten bij de zogenaamde Rc-waarde. Als een rieten dak voldoet aan deze voorwaarde kunnen de werkzaamheden aan rieten daken ook onder het verlaagde btw-tarief voor op energiebesparing gerichte isolatiewerkzaamheden vallen. Beduidend deel

Het verlaagde tarief is niet van toepassing op de materialen als die materialen een beduidend deel vertegenwoordigen van de waarde van de totale dienst. Onder "beduidend" wordt hier verstaan meer dan 50%. Hieronder volgen twee voorbeelden:

Voorbeeld 1

Arbeidsloon € 1.000 en isolatiemateriaal € 800. In deze situatie is de waarde van de materialen minder dan 50% van de waarde van de totale dienst (€ 1.800). Dit betekent dat de totale dienst is onderworpen aan het verlaagde tarief.

Voorbeeld 2

Arbeidsloon € 1.000 en isolatiemateriaal € 1.001 of meer. In deze situatie is de waarde van de materialen meer dan 50% van de waarde van de totale dienst (€ 2.001). Dit betekent dat alleen het arbeidsloon is onderworpen aan het verlaagde tarief.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Sponsoring en BTW

Als ondernemer kunt u btw als voorbelasting terugvragen aan de belastingdienst. Hier zijn echter uitzonderingen op. In deze memo zullen wij de uitzonderingsregels met betrekking tot sponsoring bespreken.

Sponsoring algemeen

Een sponsor kan zijn bijdrage verstrekken in geld, maar ook in natura. Een sponsor kan bijvoorbeeld sportkleding en andere sportattributen ter beschikking stellen, levert auto’s of verstrekt eten- en drinkwaren. De sponsor krijgt in ruil hiervoor bijvoorbeeld reclameborden, toegangsbewijzen of naamsbekendheid door vermelding van zijn naam op bijvoorbeeld geleverde sportkleding of auto’s.

Bij bovenvermelde situaties is het verplicht dat zowel de sponsor, als de ontvanger van de sponsoring een factuur uitreiken voor de waarde van de prestatie. Alleen dan is aftrek van voorbelasting mogelijk. Als de organisatie aan wie u sponsort niet btw- plichtig is en dus ook geen btw- nummer heeft, is de in rekening gebrachte btw niet aftrekbaar. Bij het ontbreken van een factuur van de tegenprestatie mag u dus geen btw terugvorderen bij de belastingdienst.

Business seat

Heeft u een business seat bij bijvoorbeeld een voetbalclub dan kunt u mogelijk niet het gehele bedrag van de voorbelasting terugvorderen. De uitzondering die voor de leden van een businessclub kan gelden, is het Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting (BUA). Het BUA heeft betrekking op uitgaven met een consumptief karakter. Denk hierbij aan relatiegeschenken en personeelsverstrekkingen in natura. Hoewel dit zakelijke uitgaven zijn, mag u de BTW daarover toch niet altijd aftrekken. Er geldt een grens van maximaal € 227 per begunstigde per jaar. Stel u heeft 2 business seats voor € 3.500 per seat per seizoen en in het seizoen worden 17 wedstrijden gespeeld. Elke zitplaats kost dan

€ 205,88 (€ 3.500/17). Als u iedere wedstrijd bezoekt met steeds een andere relatie, dan blijven de relaties onder het grensbedrag van € 227 en is de btw van deze seat volledig aftrekbaar. Uzelf zit boven de grens, de waarde van uw bezoeken bedraagt namelijk

€ 3.500 (17 x € 205,88). Naar verhouding is het gedeelte van de btw over € 3.273

(€ 3.500 - € 227) in deze situatie niet aftrekbaar.

De BTW op het lidmaatschapsgeld kunt u in eerste instantie volledig aftrekken. Vervolgens moet u aan het einde van uw boekjaar bekijken of u de drempel van € 227 per begunstigde in dat jaar hebt overschreden en moet u eventueel een deel ban de BTW terugbetalen op grond van het BUA. De belastingdienst kan vragen om een lijst met namen van de bezoekers van uw business seat. Wij adviseren u dus om bij te houden met welke relaties u bijvoorbeeld een voetbalwedstrijd bezoekt in uw business seat. U kunt dan aannemelijk maken dat de btw voordruk niet gecorrigeerd hoeft te worden.

Let op! Ook personeelsleden die maar één voetbalwedstrijd bezoeken kunnen de € 227 grens overschrijden. Alle verstrekkingen in natura tellen namelijk mee.